backgroundtop
Logo van depolshand.nl
     facebook twitter  
banner
Label DeBlessure.nl
DE POLS HAND / KLIMVINGER – PULLEY RUPTUUR

<a href="http://adobe.com/go/getflashplayer"><img src="http://www.adobe.com/images/shared/download_buttons/get_flash_player.gif" alt="Get Adobe Flash player" /></a>

KLIMVINGER


Een klimvinger ontstaat bij een zogenaamde pulley ruptuur. Bij het buigen van de vinger worden de buigpezen niet meer tegen het bot aangehouden door de pulley, maar komen los en en bollen op. Dit wordt het bowstring fenomeen genoemd, oftewel een klimvinger.

Symptomen klimvinger:

Pijn en zwelling lokaal. Pijn bij knijpen en strekken van de vinger. Eventueel het Bowstring fenomeen. Soms een ‘knak’ of ‘plop’ voelbaar/hoorbaar.

Onderzoek en diagnose van klimvinger:

Lichamelijk onderzoek, MRI/echo.

Behandeling klimvinger:

Afhankelijk van de ernst van het letsel. Bij irritatie of een kleine scheur van de pulley kan een periode van relatieve rust voldoende zijn. Bij een volledige scheur of wanneer meerdere pulley’s aangedaan zijn, kan gekozen worden voor een operatieve ingreep.

Conservatieve behandeling:

Relatieve rust, Fysiotherapie, evt tape/spalk

Operatieve behandeling:

Er wordt een pulley reconstructie uitgevoerd. Er zijn verscheidene technieken om dit te doen. De revalidatie vindt onder leiding van een fysiotherapeut/handtherapeut plaats.

Anatomie 

Om deze blessure beter te begrijpen is het eerst zaak uit te leggen wat pulley’s zijn. De buigpezen van de hand liggen aan de handpalm zijde. Deze buigpezen glijden binnen een peesschede. Deze pezen moeten dicht op de vingerbotten worden gehouden, zodat ze niet uitsteken bij het buigen van de vinger. Pulley’s (a1 t/m 5) zijn kleine bandjes die hiervoor zorgen. Er zijn er vijf per vinger. De a2 en A4 pulley’s geven de meeste steun. Naast de a1 t/m 5 pulley’s zijn er ook 3 kruislingse bandjes (c1 t/m 3), maar deze zijn zelden aangedaan bij een klimvinger.

 


Wanneer deze bandjes totaal scheuren komt de pees los van het bot. Er wordt gesproken van een klimvinger wanneer één of meerdere van deze bandjes scheuren.

Deze blessure komt vooral voor in de klimsport. De oorzaak ligt meestal in teveel kracht op de buigpees en de pulley’s. Het gaat dus om overbelasting. De blessure kan dan ook ontstaan wanneer een klimmer bijvoorbeeld veelvuldig probeert zichzelf op te trekken met zo min mogelijk vingers. Dit wordt vaak gedaan tijdens de training.

Een klimvinger kan ook ontstaan na uitglijden en dan reflexmatig proberen alsnog een richel vast te grijpen.

Bij klimmen is de vinger vaak gebogen in het PIP gewricht en gestrekt in het DIP gewricht (crimping). Er ontstaat hierdoor veel kracht op de oppervlakkige buigpees welke aanhecht op de middenfalanx. De A2 pulley kan hierdoor scheuren. De diepe buigpees loopt door tot het laatste vingerkootje, hierdoor kan de A4 pulley scheuren.


 

Symptomen bij een klimvinger 

Het gaat meestal om de middelvinger of de ringvinger om deze vingers het meest worden gebruikt. Ze symptomen zijn: pijn en zwelling aan de palmaire zijde van de vingers; pijn bij palpatie van het aangedane gebied; pijn bij buigen tegen weerstand. In de acute fase zal er krachtsverlies zijn. Verder is er soms bij het ontstaan van de blessure een harde knak hoorbaar. Kenmerkend is de zogenaamde ‘bow-stringing’ welke er kan ontstaan als er meerdere bandjes gescheurd zijn. De buigpees komt los van het bot, waardoor de pees en het bot op een soort handboog lijken.

De mate van ernst van een klimvinger kan onderverdeeld worden in 3 niveaus:

  • Graad 1 – Verstuiking van de bandjes rondom de vingerkootjes, de collateraal ligamenten. Hierbij ontstaat er pijn lokaal en bij het knijpen.
  • Graag 2 – Partiële scheur van een van de pulley’s, met pijn lokaal en bij het knijpen en mogelijk pijn bij het strekken van de vinger.
  • Graad 3 – Volledige scheur van de pulley, met het ontstaan van het bowstring fenomeen. Hierbij ontstaat vaak (scherpe) pijn lokaal, met zwelling en mogelijk een voelbare of hoorbare ‘knak’ of ‘plop’. Daarbij ervaart men pijn bij het knijpen en het strekken van de vinger.

Onderzoek en diagnose bij een klimvinger

Deze diagnose wordt gesteld op basis van de anamnese en het lichamelijk onderzoek. Bovenstaande symptomen zijn hierin bepalend. Meestal zijn deze symptomen voldoende om de diagnose te stellen. De diagnose kan echter bevestigd worden middels een echo of MRI scan.

 

Conservatieve behandeling bij een klimvinger

 Over het algemeen geneest deze blessure zonder restklachten en kan de klimmer zijn sport weer op het oude niveau uitvoeren. Vaak herstelt de pulley spontaan door verlenging middels bijvoorbeeld tapen.

Vooral preventief kan er veel gedaan worden, voorkomen is natuurlijk beter dan genezen. Veel blessures ontstaan tijdens de training. De trainingsschema moeten een goede opbouw hebben en een goede warming-up met rekvormen bevatten. Na het klimmen moeten de spieren en pezen weer op lengte gebracht worden, rekken is dan erg belangrijk. Klimmen is hoe dan ook belastend voor de vingers, de belasting kan dan ook niet geheel weg genomen worden.

Bij een beginnende blessure kan tapen effectief zijn. Er wordt dan rondom de vinger getapet. De tape mag echter niet te strak, circulatie stoornissen moeten voorkomen worden.

De tape moet langdurig gedragen worden, ook in het dagelijks leven. Na 3-6 weken kan de tape alleen nog gebruikt worden bij sport uitoefening.

Wanneer de pijn blijft en er ontstekingsverschijnselen aanwezig zijn zal er toch echt rust gehouden moeten worden.

Qua fysiotherapie is het vooral belangrijk om inzicht te krijgen in de blessure. Hoe belastbaar is de vinger? Hoe kunnen bepaalde dagelijkse bezigheden en werk toch hervat worden en welke hulpmiddelen zijn hiervoor? De patiënt moet weten wat hij/zij wel en niet mag. Verder kan de pijn bestreden worden en is het belangrijk om de beweeglijkheid van de vinger te behouden. Ook moeten stabiliteit en de spierkracht van de vinger weer getraind worden.

 

Operatieve behandeling bij een klimvinger

Als de conservatieve therapie niet helpt, kan er operatief worden ingegrepen. De pulley wordt dan operatief hersteld. Dit wordt niet snel gedaan, aangezien klimmers vaak ook met geblesseerde pulley’s door kunnen klimmen en de pulley’s spontaan genezen door verlenging.

De beperkingen die een klimmer met een klimvinger ondervindt zijn vaak minimaal. Langdurige overbelasting kan wel weer zorgen voor vroegtijdige artrose in de vinger(s).


backgroundbottom
Bronvermelding | Algemene voorwaarden

Dit is een produkt van :
Logo JH Consultancy
© Copyright JH Consultancy 2014, All rights reserved
Webdesign by : FISHTANKMEDIA.NL